Kwaad.

Dat onze nummer 2 een uitgesproken karakter heeft, dat wisten we al langer. Ze kan zo lief zijn, daar heeft u geen gedacht van. Maar als ze kwaad is, dan is ze kwaad. Met alles erop en eraan. Roepen, tieren, gillen, slaan, spullen op de grond gooien en boos weglopen. En tegenwoordig doet ze ook dat weglopen geheel op haar eigen manier.

DSC_0493 [640x480]

DSC_0485 []

DSC_0479 [640x480]

En het is dan precies alsof ze, samen met die kleren, ook haar boosheid van zich af werpt.

Waardoor ze op slag vergeet waarom ze zo boos was. Waardoor het huilen overgaat in snikken. Waardoor ze samen met mij haar kleren bijeen raapt en zich weer aankleedt. Waardoor ze op mijn schoot kruipt, met haar handjes rond mijn nek. Waardoor ik nog nét dat tikkeltje meer van haar ga houden.

Pamperpauze.

Het is beslist, tot aan de kerstvakantie doen wij van pamperpauze en wordt het jongste kind des huizes gerust gelaten met heel dat potjesgedoe en doen de pamperbroekjes weer hun intrede*. Wil ze op het potje? Prima. Wil ze niet op het potje? Ook prima. We doen het voortaan op haar ritme, en op haar aangeven. En ge kunt niet geloven wat een rust dat met zich meebrengt. En dan bedoel ik zelfs nog niet het feit dat ik geen x aantal broeken per dag meer moet wassen. Maar gewoon heel dat gebeuren efkes loslaten, het brengt vooral een mentale rust met zich mee. Ook bij de dochter trouwens, die vandaag plots 2 spontane plasjes op het potje wou doen. Ze vroeg wel een chocoladecentje in ruil, zo is ze dan weer wel.

* De juf en de kinderverzorgsters op school kunnen zich gelukkig vinden in onze beslissing, en maken hier geen probleem van. Wat een bijzonder fijn gevoel is.

Dat ik het niet meer weet.

Ik had gehoopt op een iets vlottere pamperstrijd deze keer. Maar helaas, ik baar blijkbaar geen kinders die vanzelf droog worden.

Sinds juli proberen we Eline van de pampers af te krijgen. Dat zijn ondertussen al 5 maanden op de teller, en het lijkt alleen maar de verkeerde kant uit te gaan. In het begin vond ze het allemaal interessant, en lukte het ook redelijk goed, waardoor ze zo net niet droog te noemen was toen ze in september naar school vertrok.

Maar toen begon het. Feit is dat Eline het de eerste weken (maanden) bijzonder moeilijk had op school. Om verschillende redenen. Verandering van omgeving, haar frans dat duidelijk geen deugd had van die 2 maanden vakantie waardoor ze het moeilijk had om zich verstaanbaar te maken, het feit dat ze Lolo moest missen, en dan op de koop toe ook nog een mama die wel ergens rondloopt op school maar waar je niet naartoe mag. Het doet wat met zo’n kind. De ongelukjes waren dan ook niet meer te tellen.

In samenspraak met de juf en de kinderverzorgster werd er toen beslist om de druk van de ketel te halen, onder de vorm van pamperbroekjes, en zo enkele weken af te wachten tot ze helemaal gewend zou zijn aan het schoolgaan.

Eens de tranen op school verdwenen waren, kregen we een hele andere Eline in de plaats. Eentje die bijna geen driftbuien meer had, en eentje dat het terug leuk vond om op het potje te gaan. Wij blij, want nu zou het wel gaan lukken. Dachten we.

Ondertussen zijn we weer een paar weken verder, en gaat het van kwaad naar erger. Zelf vragen om naar het toilet te gaan gebeurt zelden. Haar forceren werkt enkel averechts. En zo zitten we dus weer aan meerdere ongelukjes per dag en kan ik mij de laatste “droge” dag nog amper herinneren. Mijn wasmachine draait overuren, ge hebt daar geen gedacht van. Eline zelf trekt het haar allemaal niet te veel aan. “Een natte of vuile broek? Wat is het probleem? Ze doen mij sebiet wel een droge aan…” Ge hoort het haar soms bijna denken.

Ik heb al vanalles geprobeerd. Verschillende beloningssystemen met en zonder stickers. Haar de hemel inprijzen als ze flink op het potje doet. De truck met het kookwekkertje. Mij onverschillig opstellen. Mij kwaad maken. Niks helpt. Dus nu vraag ik mij al een aantal dagen af hoe het nu verder moet. Doe ik koppig verder, ook al interesseert het haar voor geen meter. Of moet ik er mij bij neerleggen dat het nu niet lukt, en het binnen een paar weken gewoon opnieuw proberen?

Ik weet het ondertussen echt niet meer. Wat denkt u?

It must be Karma.

Ik had gewoon moeten zwijgen gisteren. De rit vanochtend was hels.

Wegens een krijsende dochter. Die van colère in haar broek plaste. Waardoor ik moest stoppen. Waarna ze zei dat ze nog moest plassen. En ik haar dus in de berm moest laten plassen. En ze prompt een beetje op mijn schoenen plaste. En ik gelukkig natte doekjes in de auto had liggen. Waarna ik haar niet meer in de autostoel kreeg. The Plank, weetwel. Dit alles aan de kant van een weg waar anders bijna niemand passeert, behalve vandaag dus. Uiteraard.

En toen moest ik dus nog aan mijn werkdag beginnen.

Karma is a bitch.

Van het potje dat in Gent bleef.

We waren nog maar 5 minuten in Gent, toen ik in de Dampoortstraat in een etalage hét potje zag staan dat ik moést hebben voor in onze nieuwe keuken. Na de verhuis, that is. Het (suiker)potje was zo mooi, dat ik mij zelfs afvroeg hoe ik al die jaren had kunnen leven zonder dat potje. Wegens nog maar 5 minuten in Gent liet ik het potje staan, met het gedacht het ’s zondags te kopen, op de terugweg naar het station.

Maar zaterdag, zo ergens rond de middag, bekroop mij het nare gevoel dat het winkeltje natuurlijk wel eens gesloten zou kunnen zijn op zondag. Dus alle hup, terug naar de Dampoortstraat. Waar ik het potje kocht (en dus betaalde) en vernam dat de winkel wel degelijk op zondag geopend was, en ik het potje mocht laten staan tot we ’s anderendaags terug zouden passeren. “Vanaf 10 uur zijn wij open mevrouw.”

Maar op zondag, om 11u20 bleek de winkel gesloten, en zodoende moest ik dus naar huis, zonder mijn potje. Bij thuiskomst heb ik direct gebeld en bleek dat de vrouw beslist had om haar winkel toch wat later open te doen. Opsturen wilde ze niet, en dus moest ik wel accepteren dat ze mij het geld zou terugstorten. En zo zit ik hier nu, terug in de Ardeense Natuur, maar zonder potje. Want dat bleef in Gent. Snif.

Ik had het kunnen weten.

Kinderen en slapen, het is niet altijd een goeie combinatie. Heb ik van horen zeggen. Want eigenlijk mogen wij hier niet klagen. De nachten dat ik mijn lijf  ’s nachts uit bed moet slepen zijn op 1 hand te tellen. Dus ja, ik heb chance. Veel chance. Behalve vandaag.

Vandaag ben ik namelijk om 6u19 opgestaan. Volledig vrijwillig wegens wakker door manlief die naar het werk vertrok, en fluitende vogels. Om op mijn gemak nog een taske koffie te kunnen drinken voor mijn kroost beslist dat het tijd is om op te staan, zo rond 6u30. Al de hele vakantie. Behalve vandaag.

Hier zat ik dan, van 6u19 tot 7u54.