Mijn kind in een hokje?

Temperamentvol, zo noem ik haar dus. Al had ik er evengoed een andere term op kunnen kleven. ASS, hoogsensitief, explosief,… Kinderen zijn nu eenmaal niet in 1 hokje te duwen, gelukkig maar. En dat is ook helemaal mijn bedoeling niet. Ik zocht (en zoek nog steeds) gewoon manieren om met haar om te gaan, om te reageren op haar, om te praten met haar tijdens en na een driftbui.

Ik sta ervan versteld hoeveel reacties van herkenning ik kreeg de voorbije dagen. Blijkbaar lopen er meer driftkikkertjes rond dan ik dacht. Ik heb ook lang gedacht dat het “maar” een doorgedreven peuterpuberteit was. Maar ondertussen ben ik er wel uit dat er meer aan de hand is dan dat. En is dat erg? Uiteraard niet. Ieder zijn karakter, zijn temperament. Ik ben er trouwens van overtuigd dat temperamentvolle kinderen het ver kunnen schoppen eens ze onder de knie hebben hoe ze hun temperament “in bedwang” kunnen houden. Hoe ze hun pittige karakter positief kunnen gebruiken. En daar draait het om bij mij. Daar zou ik haar graag bij willen helpen.

Want ik besef hoe langer hoe meer dat er bij Eline meer in haar hoofdje omgaat dan dat ze soms doet uitschijnen. Dat ze enorm gevoelig is voor emoties. Ze voelt vaak dingen aan, waar ik zelfs niet bij stil sta. Ze is ook enorm zwart/wit. Grijs kent ze niet. Iets is heet, of ijskoud. Lauw staat niet in haar woordenboek. Deze ochtend was het drama, want ze had koude voeten vond ze. Gewoon sokken aanreiken is op dat moment niet voldoende. Ze blokkeert dan gewoon en blijft volledig hangen in haar gevoel. Ik merk wel dat het bij haar ook enorm gerelateerd is aan haar slaappatroon. Een vermoeid kind staat hier gelijk aan de ene driftbui na de andere. Terwijl ze op een uitgeslapen moment veel meer voor rede vatbaar is. Ja, ze gaat nu om 18u30 al slapen, en ja, dat doet haar deugd. Dus voorlopig blijft het zo, zelfs al wordt ze binnen enkele maanden al 6.

Onlangs in Planckendael kreeg ik nog een mooi voorbeeld van hoe Eline niet altijd onmiddellijk kan uitdrukken wat ze bedoelt en hoe lang nadien zoiets kan blijven hangen bij haar. En dat er achter het “lastige” gedrag vaak een reden zit. Een reden die ik niet altijd meteen zie, en die zij me niet altijd meteen duidelijk kan maken.

Familiebezoek aan Planckendael, en deze moeder had geen armbandjes of dergelijke mee om een telefoonnummer op te noteren. Ik nam dus een papiertje, schreef ons nummer erop om het dan in de achterzak van de meisjes te stoppen. Voor het geval dat. Maar Eline weigerde pertinent, zelfs na herhaaldelijk aansporen én uitleggen waarom ik het belangrijk vond. (De eerste en voorlopig enige keer trouwens dat ze in het openbaar “moeilijk” deed.) Ik nam haar apart, en vertelde haar dat ze in dit geval weinig keuze had. Planckendael bezoeken stond gelijk aan het briefje in de achterzak stoppen. Geen briefje, geen Planckendael. Waarna ze na flink tegenpruttelen toch deed wat ik vroeg. Enkele uren later greep ze me plots bij de hand. “Jij begreep me niet he mama, daarstraks. Ik heb zo’n briefje toch helemaal niet nodig. Ik blijf toch gewoon bij jou…”

 

Mijn temperamentvol kind en ik.

Mijn kindje met een extraatje, zo noem ik haar altijd. Een temperamentvol extraatje.

Al van kleinsaf aan was duidelijk dat Eline een pittig dametje was. Eentje met karakter. En dat resulteerde in veel huilen, ontelbaar veel driftbuien en tonnen frustratie, van beide kanten. Momenten waarop ze totaal niet meer voor rede vatbaar was, en compleet over de rooie ging. Driftbuien van wel 45 min lang, soms tot 3 à 4 keer per dag. Elke dag opnieuw. Buien waarin ze echt in zichzelf gekeerd was van woede. Autoritten van en naar school tijdens welke ze krijste. Van begin. Tot eind.  Vaak wist ze op het einde zelf al niet meer waarom ze zo driftig was en kwam ze mij snikkend vragen of ze mocht ophouden met huilen. Waarna ze op enkele seconden tijd weer kalmeerde. Als een ballon die leeggeprikt werd.

Mijn kind had het moeilijk, en ik had het gevoel dat ik totaal machteloos stond. Want wat ik ook probeerde, het hielp niets. In de hoek zetten, praten met haar, afzonderen, boos worden, op mijn schoot vasthouden, negeren,… Ik had alles geprobeerd wat ik kon bedenken. Op een bepaald moment beheerste het echt ons dagelijkse leven, en stond ik op het punt om hulp in te roepen omdat ik merkte dat het zo niet meer verder kon. Dat ik zo niet meer verder kon. Dat ik de time-out weer invoerde. Niet om haar te kalmeren, maar omdat ik zelf even tijd nodig had om te bekomen. Want zo’n buien vreten niet alleen aan je peuter, maar ook aan jezelf. Het bijzondere was dat die driftbuien enkel thuis plaatsvonden. Nooit op verplaatsing, nooit op school, en nooit in het bijzijn van andere mensen.

En toen beterde het langzaamaan. Werden de buien minder frequent, en minder hevig. Bijna 2 jaar lang was het beter. Natuurlijk waren er nog discussies. En ontplofte ze soms voor een (in onze ogen) detail. Maar ze werd ouder, was meer voor rede vatbaar, én kon beter uitdrukken wat het probleem was. Tot halfweg augustus ongeveer. Ik zou in september weer starten met werken, na een lange sabbatperiode van bevallingsverlof, ouderschapsverlof en loopbaanonderbreking. En tegelijk met het schoolwerk staken ook de driftbuien weer de kop op. En de angst. Dat het weer zou worden zoals vroeger.

Geheel toevallig kwam ik toen op dit artikel uit, waarin opvoeddeskundige Eva Bronsveld tips geeft hoe om te gaan met temperamentvolle kinderen. Ik klikte door naar haar site en botste uiteindelijk op een omschrijving die volledig matchte met mijn dochter. Alsof het over haar ging. Toen ik zag dat ze een boek geschreven had over temperamentvolle kinderen aarzelde ik geen seconde. Die moest ik hebben.

En zo blinken er ondertussen 3 gelijkaardige boeken op mijn nachtkastje. Heb ik al verschillende keren met tranen in mijn ogen zitten lezen, omdat ik nu stilaan begin te beseffen dat haar “ongewenste” gedrag vaak in stand gehouden werd door mijn reactie daarop. Omdat ik halstarrig vast bleef houden aan principes waarvan ik dacht dat ze haar zouden helpen om haar gedrag beter te kanaliseren. En ik wil daarmee niet alle “schuld” op mij nemen. Maar het deed me wel stilstaan bij het feit dat de sleutel tot de oplossing bij mij lag.

In een van de boeken die ik aan het lezen ben, kwam ik het volgende tegen, en dat omschrijft het naar mijn gevoel helemaal.

Het lastige gedrag is er. Zoals de wind waait. Het is aan ons om te bepalen wat we met die natuurkracht doen. Wij bepalen niet de wind, we bepalen ook niet de windrichting, maar we bepalen wel hoe we ermee omgaan. Als het stormt kan je windschermen plaatsen, maar je kan ook windmolens bouwen.

Ik heb al verschillende tips uit die boeken gehaald. Maar bovenal vind ik het ontzettend bevrijdend om te lezen dat mijn dochter niet het enige temperamentvolle kind is, en dat er ouders zijn die net als ik soms wensten dat hun kind met een handleiding ter wereld was gekomen. En nee, we zijn er nog niet. Maar we zijn op de goede weg. En dat gevoel op zich is al goud waard.

Explosieve kind Temperamentvolle kinderen omdenken

Heb jij ook een temperamentvol kind? Of kom je beroepsmatig met temperamentvolle kinderen in aanraking? Dan kan ik je volgende boeken aanraden. Ze bevatten geen kant-en-klare oplossingen, want die bestaan helaas niet. Maar ze zitten wel vol eye openers en tips. 

Lastige kinderen? Heb jij even geluk (Berthold Gunster)

Temperamentvolle kinderen (Eva Bronsveld)

Het explosieve kind (Ross W. Greene)

Eline – 4

Haar verjaardag was ik niet vergeten, laat dat duidelijk zijn. Maar ik was gisterenavond wel even vergeten dat madam cake ging meenemen voor de klasgenootjes. Op zo’n momenten kan je alleen maar dankbaar zijn voor de uitvinder van Herta uitknijpcake. Want, laat ons eerlijk zijn, kleutertjes proeven dat verschil niet. Toch?

En zo zit ik hier nu, in een huis dat nog steeds een beetje naar cake geurt. Te denken aan die turbobevalling van 4 jaar geleden.

Haar cadeautjes krijgt ze vanavond, als papa thuis is. Maar vanmorgen stond er wel al een mooie kroon op haar te wachten. Die ze niet wou opzetten uiteraard. De kroon die Amélie knutselde en die ze zelf mocht versieren vond ze dan weer wel ok. Verder kreeg ik instructies om er voor te zorgen dat haar verjaardagskleed goed te zien zou zijn op de foto, want ik ben mooi met mijn kleed he mama.

En dat kan ik alleen maar beamen. De allermooiste vierjarige van gans de Ardennen.

DSC_0702 (2) [640x480]

 

Kwaad.

Dat onze nummer 2 een uitgesproken karakter heeft, dat wisten we al langer. Ze kan zo lief zijn, daar heeft u geen gedacht van. Maar als ze kwaad is, dan is ze kwaad. Met alles erop en eraan. Roepen, tieren, gillen, slaan, spullen op de grond gooien en boos weglopen. En tegenwoordig doet ze ook dat weglopen geheel op haar eigen manier.

DSC_0493 [640x480]

DSC_0485 []

DSC_0479 [640x480]

En het is dan precies alsof ze, samen met die kleren, ook haar boosheid van zich af werpt.

Waardoor ze op slag vergeet waarom ze zo boos was. Waardoor het huilen overgaat in snikken. Waardoor ze samen met mij haar kleren bijeen raapt en zich weer aankleedt. Waardoor ze op mijn schoot kruipt, met haar handjes rond mijn nek. Waardoor ik nog nét dat tikkeltje meer van haar ga houden.

Pamperpauze.

Het is beslist, tot aan de kerstvakantie doen wij van pamperpauze en wordt het jongste kind des huizes gerust gelaten met heel dat potjesgedoe en doen de pamperbroekjes weer hun intrede*. Wil ze op het potje? Prima. Wil ze niet op het potje? Ook prima. We doen het voortaan op haar ritme, en op haar aangeven. En ge kunt niet geloven wat een rust dat met zich meebrengt. En dan bedoel ik zelfs nog niet het feit dat ik geen x aantal broeken per dag meer moet wassen. Maar gewoon heel dat gebeuren efkes loslaten, het brengt vooral een mentale rust met zich mee. Ook bij de dochter trouwens, die vandaag plots 2 spontane plasjes op het potje wou doen. Ze vroeg wel een chocoladecentje in ruil, zo is ze dan weer wel.

* De juf en de kinderverzorgsters op school kunnen zich gelukkig vinden in onze beslissing, en maken hier geen probleem van. Wat een bijzonder fijn gevoel is.

Dat ik het niet meer weet.

Ik had gehoopt op een iets vlottere pamperstrijd deze keer. Maar helaas, ik baar blijkbaar geen kinders die vanzelf droog worden.

Sinds juli proberen we Eline van de pampers af te krijgen. Dat zijn ondertussen al 5 maanden op de teller, en het lijkt alleen maar de verkeerde kant uit te gaan. In het begin vond ze het allemaal interessant, en lukte het ook redelijk goed, waardoor ze zo net niet droog te noemen was toen ze in september naar school vertrok.

Maar toen begon het. Feit is dat Eline het de eerste weken (maanden) bijzonder moeilijk had op school. Om verschillende redenen. Verandering van omgeving, haar frans dat duidelijk geen deugd had van die 2 maanden vakantie waardoor ze het moeilijk had om zich verstaanbaar te maken, het feit dat ze Lolo moest missen, en dan op de koop toe ook nog een mama die wel ergens rondloopt op school maar waar je niet naartoe mag. Het doet wat met zo’n kind. De ongelukjes waren dan ook niet meer te tellen.

In samenspraak met de juf en de kinderverzorgster werd er toen beslist om de druk van de ketel te halen, onder de vorm van pamperbroekjes, en zo enkele weken af te wachten tot ze helemaal gewend zou zijn aan het schoolgaan.

Eens de tranen op school verdwenen waren, kregen we een hele andere Eline in de plaats. Eentje die bijna geen driftbuien meer had, en eentje dat het terug leuk vond om op het potje te gaan. Wij blij, want nu zou het wel gaan lukken. Dachten we.

Ondertussen zijn we weer een paar weken verder, en gaat het van kwaad naar erger. Zelf vragen om naar het toilet te gaan gebeurt zelden. Haar forceren werkt enkel averechts. En zo zitten we dus weer aan meerdere ongelukjes per dag en kan ik mij de laatste “droge” dag nog amper herinneren. Mijn wasmachine draait overuren, ge hebt daar geen gedacht van. Eline zelf trekt het haar allemaal niet te veel aan. “Een natte of vuile broek? Wat is het probleem? Ze doen mij sebiet wel een droge aan…” Ge hoort het haar soms bijna denken.

Ik heb al vanalles geprobeerd. Verschillende beloningssystemen met en zonder stickers. Haar de hemel inprijzen als ze flink op het potje doet. De truck met het kookwekkertje. Mij onverschillig opstellen. Mij kwaad maken. Niks helpt. Dus nu vraag ik mij al een aantal dagen af hoe het nu verder moet. Doe ik koppig verder, ook al interesseert het haar voor geen meter. Of moet ik er mij bij neerleggen dat het nu niet lukt, en het binnen een paar weken gewoon opnieuw proberen?

Ik weet het ondertussen echt niet meer. Wat denkt u?

It must be Karma.

Ik had gewoon moeten zwijgen gisteren. De rit vanochtend was hels.

Wegens een krijsende dochter. Die van colère in haar broek plaste. Waardoor ik moest stoppen. Waarna ze zei dat ze nog moest plassen. En ik haar dus in de berm moest laten plassen. En ze prompt een beetje op mijn schoenen plaste. En ik gelukkig natte doekjes in de auto had liggen. Waarna ik haar niet meer in de autostoel kreeg. The Plank, weetwel. Dit alles aan de kant van een weg waar anders bijna niemand passeert, behalve vandaag dus. Uiteraard.

En toen moest ik dus nog aan mijn werkdag beginnen.

Karma is a bitch.